Vrijmetselarij: Een weg naar je Zelf
Logo-P&W-in-concrete
Vrijmetselarij.eu is een onafhankelijk forum.
Het staat niet onder toezicht van het Grootoosten der Nederlanden.
Het Grootoosten is dan ook op geen enkele manier verantwoordelijk voor de inhoud.
HomeAlgemene infoGesprekken Video'sArtikelenModerne mysteriën en inwijdingenVernieuwing in de Vrijmetselarij?Spiritualiteit en Vrijmetselarij Ego Ja, Ego NeeOnbekend maakt OnbemindProfane spiritualiteit? De Omgekeerde PyramideVrijmetselarij, Bewustzijn en MysterieLiteratuurPraktische informatieContact
Spiritualiteit voor Profanen
door Prasadam

Wanneer, op een zekere leeftijd, wanneer bepaalde ‘levensvragen’  zich gaan opdringen –vragen als: waar dient het allemaal voor, wat is waarheid, wat is echt belangrijk in het leven, toen werd voor mij de meest persisterende vraag: wat is de Ultieme Werkelijkheid, en ja, als die vraag prangerder en prangerder wordt, dan ga je op onderzoek uit. Ten minste, zo is het met mij verlopen.

Wat mij opviel was het gemak waarmee de meeste mensen zich over het algemeen afmaken van dit soort vragen, en niet meer doen dan door de cultuur bepaalde vooronderstellingen en geloofsovertuigingen klakkeloos overnemen die dan als gegarandeerde realiteiten accepteren. Voor mij was dat niet voldoende. 
Na mijn studie ben ik mij gaan verdiepen in het vinden van antwoorden, door wat over de wereld te gaan zwerven om met andere culturen andere antwoorden te horen, en die antwoorden te vergelijken met mijn opvattingen en inzichten.

En ja, als je die weg neemt, kom je jezelf op een gegeven moment echt wel tegen, wat op zijn beurt voor mij de aanleiding was om die vragen naast de oorspronkelijk spirituele benadering ook vanuit een psychologisch perspectief, cultuur historisch, en metafysische hoek te gaan onderzoeken. 

Wat opviel, was dat het grote gebied dat we als “spiritualiteit” duiden, vaak niet meer is dan een conventionele weg naar culturele verdraagzaamheid. “Spirituele voorschriften” zijn ons overgeleverd als een soort richtingwijzer naar een eeuwig leven na de dood. Maar bij nader onderzoek, blijken die regels, of geboden, opdrachten te zijn die ons moeten stimuleren om ons aan de sociale ordening te houden. Als we ons allemaal aan die regeltjes houden, leven we in een vriendelijke, verdraagzame maatschappij. Ik word daar spiritueel niet door opgewonden! Deze dingen hebben niets te maken met spirituele verdieping, of zoals ik het liever noem: de zoektocht naar waarheidsvinding.

Ik leerde eens een Trappisten monnik kennen  die mij voorhield om op een serieuze manier naar het verschijnsel bewustzijn te gaan kijken, omdat –zo legde hij uit– dat het enige instrument is waarmee wij überhaupt die vragen kunnen benaderen. “Wil je de werkelijkheid leren kennen, kom er dan achter wat bewustzijn is, en dan ken je God erbij.” was zijn dwingend advies.

Wat ik vreemd vond, was dat ik van een bijzonder erudiete en mystiek ingestelde monnik niet de raad kreeg om achter God te komen, maar dat hij mij –als het ware– de profane kant op wees, in een richting die voor mij niets met spiritualiteit te maken heeft. Als niet meer gelovig had ik mij van het christendom van mijn ouders afgekeerd omdat ik –vond ik zo– tot het “inzicht” was gekomen dat het christendom, de kerk, godsdienst in het algemeen, een surrogaat-cultuur propageerde die uitsluitend tot doel heeft de maatschappij op een ordelijke manier te kunnen laten functioneren. En, zo was mijn overtuiging, daar had je geen god voor nodig. Waarheid was geen waarachtig issue voor de predikkers van de godsdiensten. Alleen de belofte voor een eeuwig, volmaakt leven na de dood blijkt voldoende om de gemoederen in het gareel te houden. Naast natuurlijk ook de dreiging van een eeuwig durende verdoemenis als je je in onze pre-mortale omgeving niet aan de aardse regeltjes houdt.

Maar Titus, zoals de monnik heette, beleefde voor mijn gevoel meer dan godsdienstigheid. Hij straalde in een aura van volledige vrede met alles. Niet alleen met zijn geloof, maar met de hele existentie. In hem zag ik iemand die de regels van de religieuze oppervlakkigheid had overstegen en in de werkelijke, de èchte spiritualiteit van een goddelijke ervaring terecht gekomen was.

Zijn advies bracht hij met zo’n liefdevolle betrokkenheid –zo voelde ik– dat hij mij een geheim van onschatbare waarde had toevertrouwd.
Om een langverhaal kort te maken, door, met en in onze vele gesprekken heeft hij mij geholpen om in te zien dat het woord God geen andere betekenis heeft dan Ultieme Werkelijkheid, en dat het in wezen helemaal niet uitmaakt of je de weg naar de ultieme werkelijkheid vindt via een wetenschappelijke, een filosofische, een religieuze, een metafysische, een meditatieve, of  welke andere weg dan ook. Het gaat om de Realisatie dat er niets bestaat dan Dat wat Is. “En Dat wat Is,” zo vertrouwde hij mij toe, “noem ik God. 
En de wèg naar de realisatie van die ervaring, dat is mijn invulling van het woord spiritualiteit. Spiritualiteit betekent niets anders dan tot inzicht komen. Wereldlijker kan ik het niet maken